Voorkom bijwerkingen en verkeerde doseringen door de informatie in je DNA te gebruiken!

Sertraline

Sertraline is een antidepressivum dat behoort tot de zogeheten selectieve serotonineheropnameremmers (SSRI’s). Het middel remt de heropname van de neurotransmitter serotonine in de hersenen. Sertraline verbetert de stemming en vermindert angsten en wordt ingezet bij depressie, angststoornissen, zenuwpijn, premenstrueel syndroom, bepaalde soorten jeuk, hik en vroegtijdige zaadlozing.

Sertraline en het nut van DNA-analyse

De snelheid waarmee sertraline in je lichaam wordt verwerkt, varieert per individu. Als gevolg hiervan zijn de effectiviteit en bijwerkingen van sertraline deels te voorspellen op basis van je genen. Dit wordt farmacogenetica genoemd.

Een preventieve farmacogenetische DNA-analyse kan daarom een belangrijk hulpmiddel zijn bij het optimaliseren van je medicatie.

Sertraline en het enzym CYP2C19

Sertraline wordt in het lichaam voornamelijk verwerkt door het enzym CYP2C19. Afhankelijk van je genetische aanleg kan de activiteit van dit enzym behoorlijk variëren, waardoor ook de werkzaamheid van sertraline en de kans op bijwerkingen van persoon tot persoon kunnen verschillen.

Informatie over jouw genetische aanleg kan daarom reden zijn voor extra waakzaamheid met betrekking tot een behandeling met sertraline.

Meer lezen over CYP2C19-enzym »

Mogelijke bijwerkingen

Bijwerkingen treden niet bij iedereen op, maar alleen bij personen die daar gevoelig voor zijn.

De meeste bijwerkingen zijn in de eerste week het meest uitgesproken en nemen daarna af of verdwijnen zelfs. Ze gaan weer over als u met het medicijn stopt.

De belangrijkste bijwerkingen zijn de volgende.

Regelmatig (bij meer dan 30 op de 100 mensen)

  • Maagdarmklachten, zoals misselijkheid, diarree, verstopping, krampen en verminderde eetlust. Dit gaat meestal binnen enkele dagen over, als u gewend bent geraakt aan het medicijn. U heeft minder last van deze bijwerkingen als u het medicijn met wat voedsel inneemt. Ook kunt u de arts vragen een dosering voor te schrijven waarmee u langzamer opbouwt. Heeft u ooit een maag- of darmzweer gehad,of een andere ernstige maag- of darmziekte zoals een maag- of darmbloeding?U heeft dan meer kans op bijwerkingen op maag en darmen. Overleg met uw arts. Mogelijk schrijft uw arts behalve dit medicijn ook een maagbeschermend medicijn voor.
  • Droge mond. Hierdoor kunnen zich eerder gaatjes in uw gebit ontwikkelen. Poets en flos daarom extra goed als u merkt dat u last heeft van een droge mond. Laat eventueel de tandarts vaker controleren.
  • Tijdelijke seksuele stoornissen, zoals minder zin in vrijen, moeilijke erectie en een vertraagde zaadlozing. Deze bijwerkingen gaan over als u met het medicijn stopt. Neem contact op met uw arts als u hier last van heeft.

Soms (bij 10 tot 30 op de 100 mensen)

  • Slapeloosheid. Heeft u hier last van, neem het medicijn dan altijd 's ochtends in.
  • Sufheid, slaperigheid en een verminderd reactievermogen. Dit is vooral lastig bij activiteiten waarbij uw oplettendheid erg nodig is, zoals autorijden, het beklimmen van een ladder of het bewaken van een proces op het werk. Onderneem geen risicovolle activiteiten, als u last heeft van deze bijwerkingen.
  • Hoofdpijn enduizeligheid. Dit treedt vooral op aan het begin van de behandeling en wordt vanzelf minder.

Zelden (bij 1 tot 10 op de 100 mensen)

  • Benauwdheidin de war zijn (verwardheid), angst en nervositeit. Raadpleeg uw arts als u hier last van blijft houden.
  • Wazig zienRaadpleeg uw arts als u hier last van blijft houden.
  • Zweten, koorts, gapen, trillen en bibberen.
  • HuiduitslagRaadpleeg in dat geval uw arts. Zeer zelden komt dit door een allergische reactie op het medicijn en moet u met het medicijn stoppen.
  • Spierpijn (bijvoorbeeld in de rug), spierzwakte, gewrichtspijn en zeer zelden spierkrampen .
  • Gewichtstoename. Vraag uw huisarts om een verwijzing naar een diëtist als de gewichtsverandering te groot en ongewenst is.
  • Bij vrouwen: onregelmatige menstruatie. Neem contact op met uw arts als u hier last van heeft.
  • Bewegingsstoornissen. De bijwerkingen kunnen lijken op de verschijnselen van de ziekte van Parkinson: stijve spieren, beven, moeite met lopen of praten, rusteloosheid en plotselinge spiertrekkingen. Waarschuw bij deze verschijnselen uw arts.
    Ouderen, mensen met de ziekte van Parkinson en mensen die al bewegingsstoornissen hebben zijn extra gevoelig voor deze bijwerkingen. Als u dit medicijn langdurig gebruikt, is de kans op deze bijwerkingen groter. Waarschuw uw arts als u hier last van krijgt.

Zeer zelden (bij minder dan 1 op de 100 mensen)

  • Gewichtsafname. Vraag uw huisarts om een verwijzing naar een diëtist als de gewichtsverandering te groot en ongewenst is.
  • Ontstekingen in het keel-, neus- en oorgebied.
  • Hartklachten, zoals hartkloppingen, pijn op de borst, versnelde hartslag of juist een vertraagde hartslag. Raadpleeg uw arts als u hier veel last van heeft.
  • Hartritmestoornissen. U merkt dit soms alleen aan plotselinge duizelingen of als u even wegraakt. Vooral mensen met de aangeboren vorm van de hartritmestoornis verlengd QT-interval hebben hier meer kans op. Gebruik dit medicijn NIET als u deze aangeboren hartritmestoornis heeft.
  • Moeilijk kunnen stilzitten en rusteloosheid. Vooral mensen met de ziekte van Parkinson kunnen hier meer last van krijgen. Raapleeg uw arts als dit gebeurt, mogelijk moet de dosering van sertraline verlaagd worden.
  • Stemmingsverandering, toename van depressieve gedachten, en vijandige gevoelens naar zichzelf of anderen. Dit kan zich uiten in agressie, zelfverwonding of gedachten aan zelfmoord. Neem contact met uw arts op als depressieve gevoelens juist toenemen of verergeren. Jongeren onder de 18 jaar hebben meer kans op deze bijwerkingen. Artsen schrijven dit medicijn daarom meestal niet aan hen voor.
  • Nachtmerries en hallucinaties (dingen zien, horen of voelen die er niet zijn). Raadpleeg dan uw arts.
  • Sneller en langer bloeden bij een verwonding. Dit merkt u ook aan blauwe plekken en bloedneuzen. Raadpleeg uw arts als u daar veel last van heeft. Dit medicijn kan problemen geven bij bloedingen. Meld daarom uw arts dat u dit medicijn gebruikt wanneer u een operatie moet ondergaan.
  • Opvliegers.
  • HaaruitvalRaadpleeg uw arts als u hier veel last van heeft.
  • Bij de man: borstvorming . Deze bijwerking gaat over als u met dit medicijn stopt. Neem contact op met uw arts als u hier last van heeft.
  • Mensen met epilepsie hebben meer kans op een toename van het aantal aanvallen. Overleg hierover met uw arts.
  • Leverziektes of ontsteking van de alvleesklier. U kunt dit merken aan plotselinge hevige pijn in de bovenbuik, een gevoelige, opgezwollen buik of een gele verkleuring van het oogwit of van de huid. Waarschuw bij deze klachten uw arts.
  • Overgevoeligheid voor dit medicijn. voor dit medicijn. U kunt dit merken aan huiduitslag, jeuk en galbulten. Raadpleeg bij deze verschijnselen uw arts. In zeldzame gevallen ontstaat er bij allergie koorts, opgezwollen lippen, tong of gezicht of overgevoeligheid voor zonlicht. Stop dan meteen het gebruik en raadpleeg uw arts. Bij allergie mag u mag dit medicijn in de toekomst niet meer gebruiken. Geef aan de apotheker door dat u overgevoelig bent voor sertraline. Het apotheekteam kan er dan op letten dat u het medicijn niet opnieuw krijgt.
  • Maligne neurolepticasyndroom. Dit is te merken aan onverklaarbare koorts, zeer stijve spieren, sufheid, hartkloppingen en ernstig zweten. Neem bij deze verschijnselen onmiddellijk contact op met uw arts. Als het optreedt, is dat meestal tijdens de eerste 2 weken van het gebruik of binnen 2 weken na een verhoging van de dosering.
  • Duizeligheid, vooral bij opstaan uit bed of uit een stoel. Dit gaat in het algemeen over binnen enkele dagen tot weken. Als u zich duizelig voelt, sta dan niet te snel op uit bed of van een stoel. U kunt het beste even gaan liggen en de benen wat hoger leggen, bijvoorbeeld op een kussen.

Raadpleeg uw arts als u te veel last heeft van een van de bovengenoemde bijwerkingen of als u andere bijwerkingen ervaart waar u zich zorgen over maakt.

Kinderen

Over bijwerkingen bij kinderen is minder bekend dan bij volwassenen. Waarschijnlijk kunnen de bijwerkingen die bij volwassenen gemeld zijn, ook voorkomen bij kinderen.

Bijwerkingen waarvan bekend is dat ze bij kinderen kunnen voorkomen, zijn:

  • Maagdarmklachten, zoals misselijkheid, diarree, verstopping, krampen en verminderde eetlust (anorexie). Dit gaat meestal binnen enkele dagen over, als uw kind gewend is geraakt aan het medicijn. Uw kind heeft minder last van deze bijwerkingen als hij het medicijn met wat voedsel inneemt. Ook kunt u de arts vragen een dosering voor te schrijven waarmee uw kind langzamer opbouwt.
    Heeft uw kind ooit een maag- of darmzweer gehad, of een andere ernstige maag- of darmziekte, zoals een maag- of darmbloeding? Uw kind heeft dan meer kans op bijwerkingen op maag en darmen. Overleg met de arts. Mogelijk schrijft de arts behalve dit medicijn ook een maagbeschermend medicijn voor.
  • Droge mond. Hierdoor kunnen zich eerder gaatjes in het gebit van uw kind ontwikkelen. Poets en flos daarom extra goed bij uw kind als u merkt dat hij last heeft van een droge mond. Laat eventueel de tandarts vaker controleren.
  • Slapeloosheid. Heeft uw kind hier last van, laat uw kind het medicijn dan altijd 's ochtends innemen.
  • Sufheid, slaperigheid, duizeligheid en vermindering van het reactie-, concentratie- en coördinatievermogen. Dit is vooral lastig bij activiteiten waarbij oplettendheid nodig is, zoals tijdens het fietsen, spelen, leren of op school.
  • Hoofdpijn. Dit treedt vooral op aan het begin van de behandeling en wordt vanzelf minder.
  • Benauwdheid, in de war zijn (verwardheid), angst en nervositeit. Raadpleeg de arts als uw kind hier last van blijft houden.
  • Wazig zien. Raadpleeg uw arts als u hier last van blijft houden.
  • Zweten, gapen, trillen en bibberen.
  • Toename van de eetlust en gewichtsverandering. Vraag de huisarts om een verwijzing naar een diëtist als de gewichtsverandering te groot en ongewenst is.
  • Huiduitslag. Raadpleeg in dat geval de arts. Zeer zelden komt dit door een allergische reactie op het medicijn en moet uw kind met het medicijn stoppen.
  • Moeilijk kunnen stilzitten, rusteloosheid, spiertrekkingen. Deze bijwerkingen kunnen heel erg lijken op de ziekte van Parkinson. Raapleeg de arts als dit gebeurt, mogelijk moet de dosering van sertraline verlaagd worden.
  • Stemmingsverandering, opwinding, nervositeit, toename van depressieve gedachten, en vijandige gevoelens naar zichzelf of anderen. Dit kan zich uiten in agressie, zelfverwonding of gedachten aan zelfmoord. Deze bijwerking komt zeer zelden voor. Neem contact met de arts op als depressieve gevoelens juist toenemen of verergeren. Jongeren onder de 18 jaar hebben meer kans op deze bijwerkingen. Artsen schrijven dit medicijn daarom meestal niet aan hen voor.
  • Nachtelijk bedplassen. Overleg met de arts als uw kind hier last van heeft.
  • Infectie van de luchtwegen. Het is niet bekend hoe vaak deze bijwerking voorkomt. Krijgt uw kind koorts of moet hij aanhoudend hoesten? Raadpleeg dan de arts.
logo Medicatie Op Maat
powered by iGene

© Copyright 2020 - iGene | Disclaimer | Algemene voorwaarden | Privacyverklaring | Cookieverklaring
MOM / iGene / Oude Haven 102 / 6511 XH Nijmegen / +31 (0)10 310 4200 info@medicatie-op-maat.nl