Voorkom bijwerkingen en verkeerde doseringen door de informatie in je DNA te gebruiken!

Atomoxetine

Atomoxetine is een zeer selectieve noradrenaline heropnameremmer. Atomoxetine regelt de hoeveelheid noradrenaline in de hersenen. Noradrenaline is een natuurlijk voorkomende stof die een rol speelt bij het vasthouden van de aandacht. Atomoxetine wordt daarom voorgeschreven bij ADHD (Attention Deficit Hyperactivity Disorder).

Atomoxetine en het nut van DNA-analyse

De snelheid waarmee atomoxetine in je lichaam wordt verwerkt, varieert per individu. Als gevolg hiervan zijn de effectiviteit en bijwerkingen van atomoxetine deels te voorspellen op basis van je genen. Preventieve DNA-analyse kan daarom een belangrijk hulpmiddel zijn bij het optimaliseren van je medicatie.

Atomoxetine en het enzym CYP2D6

Atomoxetine wordt in belangrijke mate verwerkt door het enzym CYP2D6. Afhankelijk van je genetische aanleg kan de activiteit van dit enzym behoorlijk variëren, waardoor ook de werkzaamheid van atomoxetine van persoon tot persoon kan verschillen.

Informatie over jouw genetische aanleg kan daarom reden zijn voor extra waakzaamheid met betrekking tot een behandeling met atomoxetine.

Meer lezen over CYP2D6-enzym »

Mogelijke bijwerkingen

Soms (bij 10 tot 30 op de 100 mensen)

  • Hoofdpijn en slaperigheid.
  • Maagdarmklachten, zoals buikpijn, opkomend maagzuur, winderigheid, verstopping of misselijkheid met braken. Misselijkheid kunt u proberen te voorkomen door het medicijn bij het eten in te nemen.
  • Vermindering van eetlust, waardoor gewichtsverlies kan optreden. Raadpleeg uw arts als het eten echt een probleem wordt.
  • Droge mond. Als u veel last heeft van een droge mond, kunt u de aanmaak van speeksel stimuleren met (suikervrije) kauwgom of door te zuigen op ijsblokjes. Door de droge mond ontstaan sneller gaatjes in uw gebit en ontstekingen van het slijmvlies van de mondholte. Poets en flos extra goed als u merkt dat u last blijft houden van een droge mond. Laat eventueel de tandarts vaker controleren.
  • Verhoogde bloeddruk, hartkloppingen, opvliegers en zweten. Uw arts zal voorafgaand aan de behandeling en tijdens de behandeling regelmatig uw hartslag en bloeddruk controleren (ten minste elk half jaar). Mensen met hartfalen kunnen hier meer last van krijgen. Neem contact op met uw arts als u dit merkt.
  • Problemen met slapen, zoals slapeloosheid, problemen met doorslapen, problemen met inslapen en zeer zelden vroeg wakker worden.

Zelden (bij 1 tot 10 op de 100 mensen)

  • Duizeligheid, vermoeidheid en lusteloosheid.
  • Stemmingswisselingen of psychische klachten. Dit kan zich uiten in agressie, neerslachtigheid, angst, zelfverwonding of gedachten aan zelfmoord. Mensen die hier eerder last van hebben gehad, of mensen die eerder gedachten aan zelfmoord hebben gehad of een zelfmoordpoging hebben gedaan, moeten bij gebruik van dit middel extra in de gaten worden gehouden. Sommige mensen worden extra prikkelbaar en zijn snel uit hun evenwicht. Het effect op de concentratie bij mensen met ADHD kan nog wel aanwezig zijn. Overleg met de behandelend arts als u vindt dat deze extra prikkelbaarheid niet opweegt tegen de verbetering in concentratie en aandacht van uw kind. Mogelijk is de dosering te hoog en kan met een lagere dosering worden volstaan.
  • Seksuele stoornissen, zoals minder zin in vrijen, moeilijke erectie of orgasme, te late zaadlozing. Soms ook pijnlijke of onregelmatige menstruatie. Deze bijwerkingen gaan over als u met het medicijn stopt. Neem contact op met uw arts als u hier last van heeft.
  • Problemen met plassen, zoals niet kunnen plassen.
  • Huidontsteking, huiduitslag en jeuk.

Zeer zelden (bij minder dan 1 op de 100 mensen)

  • Sneller last van koude handen en voeten. Dit is het gevolg van het nauwer worden van de bloedvaten. Het kan zijn dat u hier last van blijft houden zolang u het middel slikt. Zorg voor voldoende bescherming tegen kou door warme kleding te dragen, zoals wanten en sokken. Vooral mensen met de ziekte van Raynaud merken deze bijwerking doordat ze meer last krijgen van koude vingers en tenen. Neem contact op met uw arts als deze bijwerking te veel last geeft.
  • Leveraandoeningen. U kunt dit merken aan een gevoelige, opgezwollen buik of een gele verkleuring van het oogwit of van de huid. Waarschuw dan een arts.
  • Een epileptische aanval. Atomoxetine verhoogt de kans hierop. Het komt vooral voor bij mensen die eerder een epileptische aanval hebben gehad. Neem contact op met uw arts als u deze bijwerking ervaart.
  • Overgevoeligheid. Dit merkt u aan huiduitslag, galbulten en jeuk. Gebruik dit middel dan niet meer. Een ernstige overgevoeligheid is te merken aan een zwelling van het gezicht, lippen, mond, tong of keel. U kunt hierbij erg benauwd worden. Ga dan onmiddellijk naar een arts. In beide gevallen mag u dit middel in de toekomst niet meer gebruiken. Geef daarom aan de apotheek door dat u overgevoelig bent voor atomoxetine. Het apotheekteam kan er dan op letten dat u dit medicijn of soortgelijke medicijnen niet opnieuw krijgt.
  • Een verhoogd risico op hartritmestoornissen. U kunt last krijgen van plotselinge duizelingen of kortdurend buiten bewustzijn raken. Vooral mensen met de hartritmestoornis verlengde QT-interval hebben hier meer kans op. Gebruik dit medicijn NIET als u deze hartritmestoornis heeft. Overleg hierover met uw arts. Overleg tevens met uw arts als u een andere hartafwijking heeft.
  • Pijn op de borst bij inspanning. Bij mensen met hartkramp (angina pectoris) kan dit medicijn een aanval uitlokken. Waarschuw uw arts als u hier last van krijgt.
  • Hartaandoeningen, zoals meer kans op een hartaanval. De kans hierop is groter bij mensen die al eerder een hartaanval hebben gehad. Waarschuw uw arts, als u plotseling pijn op de borst krijgt.
  • Hersenbloeding. U merkt dit aan uitvalsverschijnselen. Dit zijn verlamming in het gezicht, zoals een scheef hangende mond, warrig spreken, verlamming van het lichaam, verdoofd gevoel in arm of been, tintelingen, ernstige hoofdpijn, dubbel zien, slechter zien en duizeligheid. Heeft u al eerder een hersenbloeding gehad? U heeft dan meer kans op een hersenbloeding. Bespreek met uw arts of dit medicijn voor u geschikt is. Neem bovendien direct contact op met uw arts als u uitvalsverschijnselen heeft.

Raadpleeg uw arts als u te veel last heeft van één van de bovengenoemde bijwerkingen of als u andere bijwerkingen ervaart waar u zich zorgen over maakt.

Kinderen

De meeste bijwerkingen die bekend zijn, zijn gemeld bij volwassenen. Over bijwerkingen bij kinderen is minder bekend dan bij volwassenen. Waarschijnlijk kunnen de bijwerkingen die bij volwassenen gemeld zijn, ook voorkomen bij kinderen.

Bijwerkingen waarvan bekend is dat ze bij kinderen kunnen voorkomen, zijn:

Soms ()

  • Hoofdpijn.
  • Sufheid en slaperigheid en vermindering van het reactie-, concentratie- en coördinatievermogen. Dit is vooral lastig bij activiteiten waarbij oplettendheid nodig is, zoals tijdens het fietsen, spelen, leren of op school.
  • Maagdarmklachten, zoals buikpijn, opkomend maagzuur, winderigheid, verstopping of misselijkheid met braken. Misselijkheid kan uw kind proberen te voorkomen door het medicijn bij het eten in te nemen.
  • Vermindering van eetlust, waardoor gewichtsverlies kan optreden. Een lastig probleem, vooral bij ADHD omdat veel kinderen met ADHD al moeilijke eters zijn. Het is bij kinderen belangrijk regelmatig lengte en gewicht te meten om zo te kunnen bepalen of de groei normaal verloopt. Raadpleeg de arts als het eten echt een probleem wordt.
  • Verhoogde bloeddruk, hartkloppingen, opvliegers en zweten. De arts zal voorafgaand aan de behandeling en tijdens de behandeling regelmatig de hartslag en bloeddruk van uw kind controleren (ten minste elk half jaar).

Zelden ()

  • Duizeligheid, vermoeidheid en lusteloosheid.
  • Stemmingswisselingen of psychische klachten. Dit kan zich bijvoorbeeld uiten in agressie, neerslachtigheid, angst, dwangmatig gedrag, wanen en hallucinaties (dingen zien en horen die er niet werkelijk zijn), zelfverwonding of gedachten aan zelfmoord. Kinderen die hier eerder last van hebben gehad, of kinderen die eerder gedachten aan zelfmoord hebben gehad of een zelfmoordpoging hebben gedaan, moeten bij gebruik van dit medicijn extra in de gaten worden gehouden. Sommige kinderen worden extra prikkelbaar en zijn snel uit hun evenwicht. Het effect op de concentratie bij kinderen met ADHD kan nog wel aanwezig zijn. Overleg met de behandelend arts als u vindt dat deze extra prikkelbaarheid niet opweegt tegen de verbetering in concentratie en aandacht van uw kind. Mogelijk is de dosering te hoog en kan met een lagere dosering worden volstaan.
  • Huidontsteking, huiduitslag en jeuk.
  • Problemen met slapen, zoals slapeloosheid, problemen met doorslapen, problemen met inslapen en zeer zelden vroeg wakker worden.
  • Pupilverwijding. Raadpleeg de arts als uw kind hier last van blijft houden.

Zeer zelden ()

  • Sneller last van koude handen en voeten. Veranderd gevoel tast en huid van de handen en voeten. Dit is het gevolg van het nauwer worden van de bloedvaten. Het kan zijn dat uw kind hier last van blijft houden zolang hij het medicijn slikt. Zorg voor voldoende bescherming tegen kou door warme kleding te dragen, zoals wanten en sokken. Vooral kinderen met de ziekte van Raynaud merken deze bijwerking doordat ze meer last krijgen van koude vingers en tenen. Neem contact op met de arts als deze bijwerking te veel last geeft.
  • Een verhoogd risico op hartritmestoornissen. Uw kind kan last krijgen van plotselinge duizelingen of kortdurend buiten bewustzijn raken. Vooral kinderen met de hartritmestoornis verlengd QT-interval hebben hier meer kans op. Laat uw kind dit medicijn NIET gebruiken als hij deze hartritmestoornis heeft. Overleg hierover met de arts. Overleg tevens met de arts als uw kind een andere hartafwijking heeft.
  • Leveraandoeningen. Uw kind kan dit merken aan een gevoelige, opgezwollen buik of een gele verkleuring van het oogwit of van de huid. Waarschuw dan een arts.
  • Overgevoeligheid. Dit merkt uw kind aan huiduitslag, galbulten en jeuk. Laat uw kind dit medicijn dan niet meer gebruiken. Een ernstige overgevoeligheid is te merken aan een zwelling van het gezicht, lippen, mond, tong of keel. Uw kind kan hierbij erg benauwd worden. Ga dan onmiddellijk naar een arts. In beide gevallen mag uw kind dit medicijn in de toekomst niet meer gebruiken. Geef daarom aan de apotheek door dat uw kind overgevoelig is voor atomoxetine. Het apotheekteam kan er dan op letten dat uw kind dit medicijn of soortgelijke medicijnen niet opnieuw krijgt.
  • Hersenbloeding. U merkt dit aan uitvalsverschijnselen bij uw kind. Dit zijn verlamming in het gezicht, zoals een scheef hangende mond, warrig spreken, verlamming van het lichaam, verdoofd gevoel in arm of been, tintelingen, ernstige hoofdpijn, dubbel zien, slechter zien en duizeligheid. Heeft uw kind al eerder een hersenbloeding gehad? Uw kind heeft dan meer kans op een hersenbloeding. Bespreek met de arts of dit medicijn voor uw kind geschikt is. Neem bovendien direct contact op met de arts als uw kind uitvalsverschijnselen heeft.
  • Problemen met plassen, zoals niet kunnen plassen.
  • Migraine. Overleg met de arts als uw kind hier last van heeft.
  • Krachteloosheid.
  • Trillen en beven.
logo Medicatie Op Maat
powered by iGene

© Copyright 2020 - iGene | Disclaimer | Algemene voorwaarden | Privacyverklaring | Cookieverklaring
MOM / iGene / Oude Haven 102 / 6511 XH Nijmegen / +31 (0)10 310 4200 info@medicatie-op-maat.nl